Lynne McTaggart (25)

Hoe om te gaan met polariserende krachten? Die vraag kwam op in blog 22, De tijdgeest. Wie uitblinkt in het geven van een antwoord daarop is Lynne McTaggart. Zowel op spiritueel als praktisch niveau zegt zij: richt je op de essentie van de mens of de groep die tegenover je staat, ga uit van zijn/haar/hun goede wil en je hebt al een wereld gewonnen aan goodwill en groeiend wederzijds begrip. In het klein en in het groot brengt zij dat in praktijk.

Lynne McTaggart, Amerikaanse van geboorte en woonachtig in Londen, is een fenomeen. Bij haar komt een groot deel van de focus en de denkwijzen samen, die voor mij richtinggevend zijn geweest. Bovendien maak ik, dóór haar en vóór haar, sinds kort deel uit van een ‘intentiegroep’ die elkaar wekelijks virtueel ontmoet op het scherm. Tot mijn plezier en inspiratie.

Het doel van die intentiegroep (in dit geval 11 vrouwen uit België, Duitsland en Nederland) is gezamenlijk intenties ‘uit te zenden’. Gefocuste gedachtekracht kan veranderingen ten goede teweeg brengen op het gebied van gezondheid, relaties, levensomstandigheden, arbeidsdoelen en b.v. je levensdoel. Dit is gebleken uit de talrijke intentie-experimenten die McTaggart sinds 2000 heeft ondernomen, wereldwijd via internet en in groepen tijdens seminars.

Meedoen aan een experiment betekende positief gericht zijn op een ander mens of een belangrijk doel als vrede. Van talloze mensen kreeg Lynne MT feedback: die gerichtheid bleek voor de deelnemers zélf ook een plezierige ervaring te zijn met positieve resultaten. Bij sommigen voltrok zich echter een werkelijk wonder … . Aanvankelijk kon Lynne MT dit zelf ook niet begrijpen. Lees haar laatste boek ‘Het intentie-effect : The Power of Eight’ (2017).

Foto Wim

Waar vele spirituele richtingen nog mikken op (de persoonlijke ontwikkeling van) het individu, mikt Lynne MT op de groep. Jezelf ervaren als behorend tot, betrokken bij een groep, roept een energie op die de persoonlijke ontwikkeling van de leden overstijgt. ‘De groep blijkt meer te zijn dan de som van de leden.’ Een aantal van acht tot twaalf werkt optimaal, ontdekte zij.

Aan haar laatste boek gingen drie boeken vooraf: –> ‘Het veld : De zoektocht naar de geheime kracht van het universum’ (2001 Eng., 2004 Ned.), –> ‘Het intentie-experiment : Kunnen je gedachten de wereld veranderen?’ (2007) en –> ‘De verbinding : Word je bewust van het veld waarin je leeft’ (2011). Het zijn stuk voor stuk doorwrochte werken, waarin ze uitvoerig verslag doet van alle contacten met, en bevindingen van, talrijke wetenschappers over de hele wereld op het gebied van bewustzijn, energetische genezing en aanverwante onderwerpen. (Zie ook haar website https://lynnemctaggart.com.)

In wezen zijn deze boeken de verslaglegging van een lange zoektocht die zij al aankondigde aan het begin van het eerste boek, Het veld, over de mogelijke verbindingen tussen wetenschap en spiritualiteit.

Door haar journalistieke expertise en haar wetenschappelijke interesse en inzichten, heeft zij verklaringen kunnen doorgeven voor tot nu toe als ongeloofwaardig beschouwde fenomenen. De intuïtie van velen op het gebied van spiritualiteit, en praktische ervaringen met healing en reading, blijken door wetenschappers bevestigd en bewezen te kunnen worden. Het is fijn als blijkt dat je overtuigingen toch op waarheid berusten …

Het gaat om de verklaring en/of opheldering van fenomenen die doorgaans benoemd worden als ‘zweef’ en als irrelevant voor het gewone leven. Dat het anders ligt, ontdekte Lynne MT: juíst in het dagelijks leven gebeurt ook alles binnen een stramien van onzichtbare krachten. Als je je bewust wordt van die krachten, kun je er invloed op krijgen en er deel van gaan uitmaken. Dat is wat Lynne MT op het oog heeft met haar ‘kracht van acht’-groepen!

Meer over HARA (24)

In blog 23 gaf ik het van oorsprong Japanse begrip HARA een theoretisch kader. In dit blog gaat het over de praktijk. Wat betekent HARA oefenen voor mij? Hoewel mijn lichaam niet toestaat de oefeningen perfect te doen, helpen ze mij toch een diepe rust te ervaren.

Hara oefenen doe je vooral in stand, schrijft Karlfried von Dürckheim in zijn boek ‘HARA : Het dragende midden van de mens’. Een voor ons nogal ongewone stand: voeten zo’n 90 centimeter uit elkaar en knieën recht erboven. Om je ‘toe te vertrouwen aan de aarde’, zak je – naar vermogen – door de knieën en zoek je een balans. Dit vraagt kracht van je beenspieren.

Tegelijkertijd ontspan je in de schouders, wat o.a. lukt door je handen in de zij te zetten. Die balans houd je alleen vol, als je bovenlichaam een loodrechte houding aanneemt. Wonderlijk genoeg, als je dat doet, komt er als vanzelf rust en ontspanning in je onderbuik – het Hara-gebied. En tegelijk ook in je bekkenbodem en rond het middenrif. Met het weldadige resultaat van meer kracht in de bekkenbodemspieren en een soepeler ademhaling.

Tijdens het oefenen komt er, door de autonome ademhaling, ruimte om de aandacht van het hoofd en het hart, te laten zakken naar het tan tien, het centrum van Hara. Die gefocuste aandacht voert naar prettige emoties, bezonnen denken en fysiek welbehagen. Na afloop van het oefenen voel je meer kracht in de achter-bovenbenen en strekt zich je rug!  Overigens, wanneer het mij niet lukt te staan, oefen ik zittend, terwijl ik de krachtige Hara-houding visualiseer.

Hara oefenhoudingen

Dit oefenen heeft meerdere effecten. In het algemeen wordt de intensiteit van je belevenissen sterker. Sowieso word je gevoeliger in je lijf. Ook buiten de oefentijden is de kans groot dat je je meer bewust wordt van ‘de grens tussen je fysieke lichaam en je omgeving’: wat is ín je lichaam, wat is buíten je lichaam, en wat is de verbinding daartussen?

Het kan plezierig zijn om te oefenen voor een grote spiegel en zo te zien wat de Hara-houding met je doet. Zeker als je Hara praktiseert volgens de aanwijzingen van Barbara Ann Brennan, zoals beschreven in haar boek ‘Bronnen van Licht’ (Altamira Becht 1994).

Het een na laatste hoofdstuk van dit boek wijdt Brennan aan specifieke aspecten van Hara. Zij zegt b.v. ‘de energie van de Hara-lijn bevindt zich op een nog subtieler niveau dan de aura.’ Voor haar is Hara onderdeel van een denkbeeldige, loodrechte energielijn door je lichaam. Die lijn verbindt de energie van jouw essentie –> naar boven met de kosmos en –> naar beneden met de aarde.

Volgens Brennan heeft de Hara-lijn tevens te maken met ‘intentionaliteit’: ‘wat is de diepste invulling die je aan je leven kunt geven?’ Heb je daar weet van, voeling mee?
‘Net zoals ons auraveld een specifieke, rechtstreekse correspondentie heeft met onze gedachten en gevoelens, correspondeert iedere verandering in onze intentionaliteit met een verschuiving in de positie en afstemming van onze Haralijn.’

Als healer onderzocht Barbara Brennan hoe ze cliënten dichter bij zichzelf kon brengen door hun Hara-lijn te healen. Spirituele mensen kunnen zélf voeling krijgen met hun Hara-gebied en met hun intentionaliteit … Je bewust worden van de voor jou bedoelde levensweg, dát is waar het om gaat!

De kracht van HARA (23)

In het vorige blog, over De tijdgeest, ging het om het spanningsveld tussen de openlijke, harde krachten en de verborgen, zachte krachten, waarmee we momenteel in de samenleving te maken hebben. Vervolgens dacht ik, hoe ga je daar dan het beste mee om, met die spanning? Hoe reageer je als goedwillend mens óp die tijdgeest? Want zo makkelijk is dat niet: voor je het weet word je meegetrokken in de polarisatie, op welk gebied dan ook.

Hoe houd je afstand, zodat je je niet mee láát trekken, en hoe houd je toch je blik scherp? Hoe voorkom je toe te geven aan egokrachten, waardoor echte levenslust en creativiteit vervolgens ver te zoeken zouden zijn?

Toen ik deze indringende vragen aan mijzelf stelde, kwam het begrip Hara als vanzelf naar boven. Jaren geleden las ik van Karlfried Graf von Dürckheim, ‘HARA : Het dragende midden van de mens’. (Uit het Duits vertaald. Eerste druk 1961. De zevende druk is in 2012 in een nieuwe bewerking verschenen, bij Ankh Hermes. Nu beter leesbaar: de taal is meer toegesneden op de huidige tijd.)

Von Dürckheim beschrijft HARA als een eeuwenoud begrip, dat niettemin tamelijk onbekend is in de westerse wereld. Het begrip is van oorsprong Japans. Het betekent ‘onderbuik’. Wanneer je geworteld bent in je onderbuik, het zwaartegebied van je lichaam, sta je anders in het leven. Voor het specifieke zwaartepunt – zo’n drie centimeter onder de navel en drie centimeter naar binnen – bestaat ook de Chinese term ‘tan tien’. Wanneer je tai chi of chi qong beoefent, leer je daarmee te werken.

Voordat ik iets meer vertel over het (be)oefenen van Hara, eerst een ‘disclaimer’. Ook als ik het van harte aanbeveel, omdat ik de waarde voel van ‘instappen in het Hara-proces’, betekent dat niet dat je als lezer direct dezelfde ervaring zult krijgen. Elk mens kan met Hara bezig zijn, maar altijd als onderdeel van het eigen proces.

De dame Henoetnachtoe, Egypte, omstreeks 1300 v. C.

De grondvoorwaarden om aan het werk te gaan met Hara zijn, volgens Dürckheim, “innerlijke nood, het gericht zijn op de innerlijke weg, een volkomen toewijding en het vermogen om te zwijgen – dit alles overkoepeld door het zich neigen naar het goddelijke … “. Je kunt je ook richten op de kosmos, het universum, tao of de bron.

Als uitgangspunten voor Hara-beoefening noemt hij: “de juiste  houding, de juiste ademhaling en de juiste verhouding van spannen en ontspannen”.

  • Bij de juiste houding zoek je elke keer weer, in stand of zit, lopend of slapend, naar het dynamische evenwicht dat je gaat voelen wanneer je je bewust wordt van je Hara zwaartegebied. Hóe je dat kunt doen, wordt duidelijk beschreven in het boek.
  • Bij de juiste ademhaling gaat het erom  deze zich vanzelf te láten voltrekken, zodat verkrampingen verdwijnen en het middenrif leidend wordt bij een adem die zichzelf stuurt.
  • De juiste verhouding van spanning en ontspanning, laat zich als volgt beschrijven.
  • Enerzijds gebruik je fysieke spanning om – van binnenuit – het gebied van je onderbuik “op en in de aarde neer te laten”. Daarvoor is nodig dat je durft te  vertrouwen op het onbekende en op je onderbewuste.
  • Anderzijds – door het ontspannen en  “loslaten van je schouders” – leer je te vertrouwen op je bovenbewuste. Je gaat je thuis voelen in je hoger zelf en gaat langzamerhand ervaren wat het is “te neigen naar de kosmos”.

Dit heeft als plezierig neveneffect dat je ego zich minder op de voorgrond dringt. HARA geeft je de kracht om koers te houden in deze roerige tijd.

De tijdgeest (22)

Evenals ik, zullen lezers zich soms afvragen waarom er momenteel toch zoveel reuring is in de wereld. De sfeer is nu heel anders dan tien jaar geleden, toen we de economische crisis meemaakten.

Die onrustige sfeer treffen we niet alleen aan in de samenleving. Zelf voel ik me soms ook aangeslagen of opstandig, meer dan bij mij past. Wat is dat toch? Ik denk: het komt door de tijdgeest, die in de loop van de tijd sterk van karakter kan wisselen.

Sinds ik me in de jaren tachtig verdiepte in de astrologie, kijk ik op zekere momenten of de standen van sterren en planeten iets duidelijk kunnen maken over de tijd waarin ik leef. Toen ik dat onlangs ook weer deed (door efemeriden – tabellen van sterren- en planeetstanden – te raadplegen), was het ‘yes!’: er dringen zich duidelijke invloeden en trends op. Welke?

  • Pluto, de verste en daardoor een zeer langzame planeet, met een scherpe, ontvlambare invloed en verbonden met omwenteling, loopt van 2009 tot 2024/2025, door het aardeteken Steenbok (o.a. van de maatschappelijke structuren).  
  • Uranus, een wat minder verre en langzame planeet, gericht op creatieve, onverwachte vernieuwingen op allerlei terrein, loopt van maart 2011 tot maart 2019 door het vuurteken Ram (‘met kracht naar buiten treden’).
  • Saturnus, een tamelijk langzame planeet, gericht op regels en controle, loopt van december 2017 tot december 2020 door het eigen teken Steenbok.

Deze standen versterken elkaar: polarisatie, identificatie, machtsuitoefening,  hang naar revolutie, horen hier bij. Pluto, Uranus en Saturnus spelen alle drie een rol, nu, in het jaar 2018, maar ook in de jaren hiervoor en nog een poos hierna.

Langzame planeten oefenen langdurig een bepaalde invloed uit. Hoe? Als je ervan uitgaat dat de aarde niet op zich zelf bestaat, maar in verbinding staat met door ons niet te definiëren en te meten energieën in het universum, dan kun je planeten en sterrenbeelden beschouwen als filters waardoor die energieën op aarde arriveren. Dit gebeurt heel subtiel en het is niet concreet waarneembaar.

De standen werken in op de gedachten en de emoties van mensen. De huidige standen werken vooral verhardend, mede omdat de geschetste ontwikkelingen angst en onzekerheid oproepen, die de genoemde tendensen weer versterken.

Foto Wim

Sommige mensen willen echter niet meegaan in deze tendensen. Kunnen zij ‘hulp’ verwachten uit de kosmos? Daarvoor keek ik nogmaals in de efemeriden.

  • Neptunus, een langzame planeet ‘tussen Pluto en Uranus’ en gericht op onthechting, verruiming en verfijning, loopt van 2012 tot 2025 door het (eigen) waterteken Vissen.

Dit geeft soelaas, want dat is een heel bijzondere constellatie! Mensen die zich bewust openstellen voor energieën die via de filter van Neptunus de aarde bereiken, zijn minder vatbaar voor de negatieve krachten en bieden er tegenwicht aan. Ook deze stand valt onder de tijdgeest.

Openlijk werken de harde krachten van Pluto, Uranus en Saturnus. Zij beïnvloeden vooral de mensen die zich identificeren met hun ego. Een gevoel van urgentie dringt zich bij hen op om (scherp) stelling te nemen in heersende kwesties; en dat weer eerder in hun directe omgeving, dan op wereldniveau.

In het verborgene werkt echter de zachte kracht van Neptunus. Mensen die zich hiervoor open stellen, richten zich op waarden die de heersende  tegenstellingen kunnen overbruggen. Daar tevens naar te handelen is hun leerschool. Wanneer zij afstand nemen van polarisering en verharding, komen zij meer in hun persoonlijke kracht te staan.

Bovendien zijn of worden zij gevoelig voor innerlijke verandering, voor transformatie. Door de stand van Neptunus is er volop ruimte voor spirituele groei, die immers wordt bevorderd door ‘onthechting, verruiming en verfijning’.
Verder dragen zij bewust of onbewust bij aan de ‘goede krachten’ op aarde. Gelijkmoedigheid en compassie en daadkracht op het juiste moment, daar gaat het om!

De tijdgeest brengt ook met zich mee dat er mensen en groepen zijn die, vanuit compassie,  in opstand komen tegen evident onrecht. Zij laveren op de energiegolven – zowel van Pluto, Uranus en Saturnus, als van Neptunus — en verdienen onze steun!

Bewustwording van (on)eindigheid (21)

De afgelopen maanden ben ik mij er steeds meer van bewust geworden dat langzamerhand voor mij de zesde fase van het leven’ is begonnen: je voorbereiden op de eigen sterfelijkheid (waarover meer in een volgend blog).
Concrete gebeurtenissen hebben dat proces versterkt. Manlief (bijna 80) kreeg begin juni een zware longontsteking, die hij inmiddels volledig te boven is. Een jaar geleden, 17 oktober 2017, overleed mijn jongste zusje. Mijn andere zusje is al geruime tijd fysiek gehandicapt en verhuisde onlangs naar een verpleeghuis.

Bezig zijn met het einde blijkt een enorme gelaagdheid te hebben: van fysiek en materieel, via mentaal en emotioneel, tot aan het spirituele hoogtepunt van ‘de aarde verlaten’. Er zitten ook praktische kanten aan en intuïtieve componenten.

Sterven is veel meer dan de laatste adem uitblazen. Wat betekent het voor jezelf en je naasten? Hoe vergaat het anderen? Terwijl ik met tal van vragen bezig ben (en natuurlijk ook veel andere dingen aan mijn hoofd heb), blijkt dat er juist deze maand, oktober 2018, een speciaal blad is uitgegeven over dit thema, getiteld DREMPEL : over leven met sterven. Mooie dubbele bodem in die ondertitel …

Het is geen gids à la de Consumentenbond, die al decennia lang de praktische kwesties rond een overlijden in kaart brengt. DREMPEL richt zich juist op al die andere ervaringslagen die bij het sterven horen, met als motto “van angst naar vertrouwen”. Het magazine biedt een schat aan ervaringen, inzichten en vermoedens rondom het fenomeen ‘dood’. Het is prachtig vormgegeven, met een variëteit aan aansprekende foto’s, en zal hopelijk velen inspireren.

DREMPEL
De ontwerper en samensteller van DREMPEL is het Landelijk Expertisecentrum Sterven: een ideële stichting, die in de samenleving meer bewustzijn wil creëren over sterven. Schrijfster Ineke Koedam nam een jaar of wat geleden, samen met drie andere vrouwen, het initiatief tot oprichting van deze stichting. Nu is zij de hoofdredacteur van het ‘bewaarmagazine’.

DREMPEL is een blad om geboeid in te bladeren en te lezen: 100 pagina’s tekst en foto’s, lange en korte bijdragen, interviews en columns, en diverse artikelen van Ineke Koedam zelf. Zij is de  auteur van ‘In het licht van sterven : ervaringen op de grens van leven en dood’. Dit boek verscheen in 2013 en is al twee keer herdrukt.

In DREMPEL vind je een artikel van Ineke Koedam dat teruggrijpt op haar boek. Zij onderscheidt ´transpersoonlijke levenseinde-ervaringen’ en ‘betekenisvolle levenseinde-ervaringen’. Het eerste type ervaringen verwijst naar al die momenten waarop een sterfproces lijkt uit te stijgen boven het alledaagse en als inspirerend wordt ervaren. Het tweede type ervaringen wijst op momenten waar een stervende in het reine komt met zijn/haar geleefde leven en bewust werkt aan een afronding.

Veel indruk maakt in het blad het interview met Johannes Witteveen (97 jaar, oud-minister van financiën), die zijn zoon Willem verloor bij vlucht MH17. Verder is het interview met Astrid Joosten over het overlijdensproces van haar man heel boeiend. Voor al die mensen die een bijdrage leverden heb ik groot respect …

Een absolute aanrader dus, dit DREMPEL magazine. Echter, niet te koop in de boekhandel, maar alleen te bestellen via www.drempelmagazine.nl, voor nog geen 9 euro.

Het Landelijk Expertisecentrum Sterven (www.landelijkexpertisecentrumsterven.nl) wordt ondersteund door een Comité van Aanbeveling, met een 15-tal leden, onder wie Casper van Eijck, Pim van Lommel, Huub Oosterhuis, Annemiek Schrijver, Hans Stolp, Rudi Westendorp en Johannes Witteveen.

Tevens wijs ik op het onlangs uitgekomen boek ‘Aan het sterfbed’, door Korine van Veldhuijsen, waarin ‘naasten vertellen over een overlijden dat hen diep heeft geraakt’. Het voorwoord is van … Ineke Koedam.

Pijnappelklier in functie (20)

Deze keer wil ik licht werpen op de pijnappelklier, een kliertje midden in je hoofd, en heel belangrijk: het maakt mystieke ervaringen mogelijk.
Zoals hersenen nodig zijn om te kunnen denken en voelen, maar niet de gedachten en gevoelens zelf zijn, zo is de pijnappelklier nodig om te kunnen bidden en mediteren. Echter, de ervaring van het gebed en de spirituele verbinding door de meditatie vind je niet terug ín de pijnappelklier.
Via deze klier kun je je hoger zelf ervaren. En je kunt gevoelens oproepen of krijgen die jou doen weten dan je méér bent dan je fysieke lichaam.

De pijnappelklier — of de epifyse — is de allerkleinste klier in je lichaam, gelokaliseerd midden in je brein. De pijnappelklier lijkt op een dennenappel met twee pootjes en is niet groter dan een flinke, gekookte rijstkorrel (ongeveer 5 mm bij 7 mm). Je vindt hem op het kruispunt van drie lijnen: –> de verbinding tussen de bovenste aanhechtingen van de oren, –> de verticale as van het lichaam en –> de lijn die het punt tussen de wenkbrauwen en de achterhoofdsknobbel verbindt.

images
Pijnappelklier = pineal gland

Van hersenonderzoekster Saskia Bosman leerde ik het volgende. De pijnappelklier is o.a. een producent van visionaire hormonen, die maken dat we levendige beelden kunnen krijgen van wat buitenzintuiglijk ervaarbaar is, indien we afgestemd zijn op bepaalde vibraties in de kosmos. Die afstemming gebeurt zeer waarschijnlijk via kristalletjes in de pijnappelklier, die je kunt zien als een ‘kosmische antenne’, aldus Saskia.

De kennis van de pijnappelklier is van alle tijden. Men sprak ook wel van ‘het derde oog’, het waarnemingsorgaan dat ‘bovennatuurlijke kennis’ mogelijk zou maken. Zeer lang geleden maakte de pijnappelklier het voor de mens mogelijk veel dieper in verbinding met de kosmos te leven dan we nu gewend zijn. Maar ook als een mens nú in staat is afgestemd te zijn op de kosmos (denk aan mensen die helderziend zijn, helderhorend of heldervoelend), mogen we aannemen dat de epifyse daarbij een rol speelt.

 

a 2003 En Route 100 x 100 (2)
Beeld Wim Ridder

Waarom kies ik voor dit onderwerp? Omdat de overgang  ‘stoffelijk – onstoffelijk’ mij mateloos  intrigeert. Ergens moet er een fysieke verbinding zijn tussen onze hersenen en het veronderstelde veld van energie waarin wij bestaan (akasha-veld, nulpunt-energie-veld, morfisch veld). Of beter nog: velden. Volgens mij (en anderen) heeft elk veld zijn eigen frequentie, waardoor er vele velden door elkaar heen kunnen bestaan, c.q. vibreren.

In eerdere blogs (Invloed op je ‘onbewuste zijn’ (14) en Spirituele piekervaring (17)) kwam al aan de orde dat er voorbij het stoffelijke een werkelijkheid van enkel energie is, van vibraties. Die trillingen dragen een onwaarschijnlijke hoeveelheid informatie in zich. Als we ons openen voor de informatie die met onszelf te maken heeft, kunnen we die — na enige oefening — ontvangen

Je kunt je pijnappelklier de kans geven zich aan te dienen, door te visualiseren dat je hoofd helemaal leeg is, totaal leeg, een vorm zonder massa … en je dan te focussen op die piepkleine dennenappel. Gebruik je gedachtekracht om je liefde te richten en je vibratie te verhogen … en wacht af … !

Graag verwijs ik wederom naar de workshops van Saskia Bosman. Zij heeft twee studiedagen over de pijnappelklier ontwikkeld, die plaats hebben op verschillende locaties,  verspreid over het land. (Zie ook Het wijze brein van de cel (15) en http://inspiradiance.nl)

Een sterfdag herdenken (19)

Op 29 maart 2018 heb ik een kalender gekocht – geen verjaardagskalender, maar een sterfdagkalender. De eerste naam en datum die ik daarop schreef zijn van de overbuurman. Hij is overleden op 14 maart. Daarna noteer ik uiteraard ook de sterfdagen van mijn ouders, mijn onlangs overleden zusje en anderen.

Nu ik driekwart eeuw geleefd heb, krijg ik steeds meer voeling met de impact van de zogenoemde ´derde fase´. De periode waarin je het werkende leven achter je hebt gelaten en zoekt naar nieuwe invullingen. `Ga vooral genieten, zolang het nog kan!´ is een uitspraak die leeftijdgenoten bekend zal voorkomen. ´Want straks kan het niet meer, oh … het leven is maar zo kort …`. Triestheid dus maar onderdrukken … ?

Of ruimte geven aan wat daaronder stroomt … het leven, levensenergie? De energie waarmee elk mens begiftigd is. Levensenergie, die vooral tot uiting zal komen naarmate een mens meer vertrouwd raakt met zijn derde fase. Eerder kan natuurlijk ook. Die fase gaat voor de meesten in nadat ze de 65 zijn gepasseerd, maar ook jongeren met een ziekte kunnen er vroegtijdig in terecht komen.

De buurman was 72 toen hij overleed aan de gevolgen van COPD (Chronic Obstructive Pulmonary Disease). Dat betekende o.m. dat hij meer dan 10 jaar met extra zuurstof heeft moeten leven. De blijmoedigheid waarmee hij dat aanvaardde was heel bijzonder, en bemoedigend voor zijn omgeving. De derde fase heeft hij ten volle geleefd.

Waarom nu die sterfdagkalender? Dan kan ik volgende jaren op 14 maart bewust stilstaan bij zijn heengaan dit jaar: hem nog eens in gedachten nemen. En dat gaat ook gelden voor de andere overledenen die een plaats krijgen op mijn kalender: de datum dat ze zijn gestorven, met tussen haakjes hun geboortedatum.

IMG_2333 (2)
Beeld Wim Ridder

Naar mijn overtuiging wordt iemand die door de poort van de dood is gegaan – zoals antroposofen zo mooi zeggen – herboren in het hiernamaals, dan wel het ‘hiervoormaals’. Een nieuwe ‘fase van zijn’ breekt aan, in de opeenvolging van levens van de ziel. Deze bevindt zich dan in de geestelijke wereld, waar van ruimte en tijd geen sprake meer is en waar zich processen afspelen die het begrip van ons als aardebewoners te boven gaan. Liefde, wijsheid en vrede omstralen degenen die ontwaken in die nieuwe zijnstoestand …

Mijn streven is om op de sterfdag van geliefde gestorvenen contact met hen te zoeken. Hoe? Waarom? De wijze waarop ik dat wil doen is: in meditatie gaan en mij afstemmen op hem of haar, b.v. met behulp van een foto of een specifieke herinnering. Op het niveau voorbij denken en voelen kun je je bewust worden van de verbinding die er was en in principe nog steeds is … of meer dan dat.

De reden waarom ik hiervoor kies is dat die bewust gezochte verbinding de betrokkene goed zou kunnen doen. Het kan ook dat de geliefde dode mij nog iets wil meedelen of overbrengen, op het subtiele niveau waarover het hier gaat. Dat versterkt de band tussen ons en geeft mij nieuwe kracht en inzichten.

Herdenken van iemands sterfdag kun je ook doen met elkaar. Een vriendin vertelde me hoe zij, op de datum waarop haar man ‘te vroeg’ de aarde verliet, met kinderen en kleinkinderen vorm geeft aan zo’n viering – met een foto, veel bloemen en een bezoek aan het graf. De kleinkinderen ‘praten met’ hem en bouwen zo een band op met de opa die ze nooit hebben gekend …

Het idee van de sterfdagkalender kwam ik tegen in het boek van Renée Zeylmans, ‘Stervensbegeleiding : Een wederzijds proces’ (2015).
Tevens verwijs ik graag naar twee boeken van Hans Stolp: ‘Stervensbegeleiding in een nieuwe tijd” (2012) en ‘Omgaan met gestorvenen : Leven voorbij de dood’ (samen met Margarete van den Brink, 2000).