41. Energetische geneeskunde: Korotkov

Wat we in de nabije toekomst steeds meer zullen tegenkomen is ‘energetische geneeskunde’. Dat is genezen met behulp van de waarneming, ervaring en kennis van energieën in en rondom ons lichaam. Een nu al geaccepteerde vorm van energetische geneeskunde is b.v. acupunctuur.

In de loop van mijn leven heb ik veel profijt gehad van meerdere alternatieve behandelingen, op grond van o.a. de natuurgeneeskunde, homeopathie en bioresonantie (met het Bicom-apparaat). Meestal was ik blij te merken dat mijn lichaam op een subtiel niveau werd geholpen bepaalde klachten of aandoeningen te boven te komen. Dit resultaat behaalde ik eveneens door toepassing van methoden uit zelfhulpboeken.

Een andere naam voor alternatieve geneeskunde is complementaire geneeskunde. Bovengenoemde typen behandelingen kunnen op twee wijzen worden ingezet, namelijk preventief/genezend óf aanvullend – afhankelijk van het gezondheidsprobleem waarmee de cliënt te maken heeft.
Wanneer een aandoening nog niet ernstig is en alleen het welbevinden beperkt, kan een alternatieve aanpak op zich voldoende zijn om je beter te gaan voelen en zelfs te herstellen. Wanneer je al ernstiger klachten hebt en naar de reguliere arts gaat, kan een medische behandeling vaak heel goed samengaan met een complementaire behandeling.

Alternatieve en complementaire geneesmethoden zijn gebaseerd op de een of andere vorm van werken met energie. Daarom de benaming energetische geneeskunde: bij deze methoden wordt geprobeerd meer balans te brengen in de energiepatronen van de cliënt of patiënt. Want wanneer iemand klachten heeft, is er altijd sprake van een verstoring in het energiepatroon. (Denk aan de meridianenleer of aan de chakra’s.)

De Russische wetenschapper Konstantin Korotkov heeft een speciale techniek ontwikkeld om iemands energiebalans subtiel in beeld te krijgen op het computerscherm. Korotkov heeft voortgebouwd op de Kirlian fotografie en van daaruit een diagnostisch systeem ontwikkeld voor de menselijke gezondheid, fysiek en mentaal. Zie b.v.: https://www.geestkunde.net/uittreksels/korotkov-aurafotografie.html.

In de jaren ’50 van de vorige eeuw waren het Semjon Kirlian en zijn vrouw Valentina die op foto’s de uitstraling van levend weefsel wisten vast te leggen, b.v.: van handen of het blad van planten. Dit was een tot dan toe onbekend fenomeen.

Foto Wim

Tientallen jaren later is het Korotkov  gelukt – dankzij nieuwe technische ontwikkelingen en de boost in computermogelijkheden – in ‘real time’ deze uitstraling vast te leggen en te ‘vertalen’. Hij gebruikt de vingers van de handen om diagnoses te stellen. Daarbij maakt hij gebruik van het Chinese meridianensysteem. Door nauwkeurig te lokaliseren waar aan de vingers welke uitstraling zich voordoet en door een vernuftig doorberekeningssysteem komt Korotkov tot diagnoses die daadwerkelijk helpen bij het behandelen van patiënten op een energetisch niveau.

De techniek heet ‘Electrophotonic Imaging’, afgekort EPI (voorheen de ‘Gas Discharge Visualization’ of GDV techniek). Het is een baanbrekende benadering voor directe weergave van het menselijke energiesysteem. Het vergt een speciaal ontwikkelde camera. De zeer geavanceerde software analyseert vervolgens waar het schort in het energiesysteem en welke reguliere of complementaire behandelingen geschikt zijn voor de behandeling van een bepaalde kwaal of ziekte.

Konstantin Korotkov was hoogleraar aan de Universiteit van St. Petersburg, in de computerwetenschappen en biofysica. En hij was vele jaren voorzitter van de Internationale Unie voor Medische en Toegepaste Bio-elektrografie (IUMAB). Hij is de auteur van een groot aantal boeken en wetenschappelijke artikelen, en buitengewoon actief in het internationaal uitdragen van zijn bevindingen en ideeën op dit terrein.

In Nederland wordt zijn methode op beperkte schaal toegepast door alternatieve genezers. Zie b.v. deze website: https://www.annetbennen.nl/bio-well-gdv-camera/. Een verwante methode is de licht- en kleurentherapie ‘Kleurenpunctuur’, die werd ontwikkeld door de Duitse wetenschapper Peter Mandel: https://www.kleurenpunctuur.nl/nl/wat-is/wie-is-peter-mandel.html.

Korotkov heeft getracht een brug te slaan tussen de nog steeds tegengestelde opvattingen over de vraag “Is genezen met energie echt mogelijk?”. Veel mensen hebben zo’n genezing ervaren en accepteren energetische geneeskunde als een realiteit. Echter, een andere, grotere groep van mensen staat er nog steeds sceptisch of zelfs vijandig tegenover, omdat ze het eenvoudigweg voor onmogelijk houden.

Het onderzoekwerk en de interesse van Korotkov gaat steeds meer uit naar de potenties van geest en bewustzijn. Daarover gaat zijn boek ‘The Energy of Life’, waarvan een nieuwe versie uitkwam in 2021.

36. Adembewustzijn I

Ademen is het eerste wat je doet als je geboren wordt en het laatste dat stopt als je sterft. Ademen is dus wezenlijk om te kunnen leven. En toch hebben we het er nauwelijks over. Ademen gaat zo vanzelf dat we eigenlijk niet waarnemen dat we het doen.

Een mens kan langdurig zonder voedsel, veel korter zonder water, maar nauwelijks zonder zuurstof. Zo zijn we dagelijks bezig met ons eten en drinken, want daar moeten we zélf voor zorgen. We letten echter niet op of we wel voldoende ademen, want het inhaleren en ‘exhaleren‘ van lucht gaat zó vanzelf dat we er niet bij stilstaan. Tenzij … we intensief sporten, een longziekte hebben of last hebben van vervuilde lucht, maar dat zijn andere onderwerpen.

Niettemin is ademen iets buitengewoons. Zo heb ik dat ervaren toen ik in mijn tienerjaren op mijn eentje aan yoga deed. Aangemoedigd door de grondlegger van yoga in Nederland, dokter Rama Polderman, las ik met rode oortjes zijn eerste boek daarover en begon ik ásana’s te oefenen.
Verder gaf hij aanwijzingen voor diverse ademoefeningen, pranayama geheten [‘ayama’=verlengen van ‘prana’=vitale energie]. Prana is waar het om draait bij de (yoga)-ademhaling, prana adem je in en uit. Het is levensenergie: die universele of kosmische energie, waarvoor we ook het Chinese begrip Chi kennen.

Fragment van een gebrandschilderd kerkraam, ontworpen door Marc Mulders in 2016, voor de Grote of Sint-Janskerk in Gouda. Foto Wim Ridder

In mijn jonge yoga-jaren – ik was zo’n 16, 17 jaar oud – heb ik bewust ademen als weldadig leren beleven. Voor het eerst werd ik spiritueel aangeraakt. Dit was mede mogelijk omdat ik daar de tijd en de ruimte voor had. Eerlijkheidshalve vertel ik dat die vaardigheid van het bewuste ademen mij in latere jaren weer is ontglipt.

Maar de zoete herinnering bleef. In de loop van mijn leven heb ik mij verdiept in meerdere ademsystemen. Er verschenen boeiende boeken over de adem, boeken die allemaal wel iéts te bieden hadden. Soms oefende ik ook volgens de aanwijzingen in zo’n boek. Toch ben ik naar die echte (ver)lichtende ademervaringen nog steeds op zoek.

Onlangs besloot ik dit aan te pakken. In die aanpak – die ik graag met jullie deel – onderscheid ik vier fasen van adembewustwording. Ten eerste: gewaar worden wanneer je adem tekortschiet; ten tweede: daar bewust bepaalde oefeningen tegenover stellen; ten derde: bemerken dat je dat soms als een weldaad ervaart; ten vierde: dichterbij je essentie komen. Omdat je je meer bewust wordt van je adem, keer je weer terug naar de eerste fase.

Op deze manier heb ik dit in schema gezet: een cirkel met een horizontale en verticale as. Als je dit goed bekijkt, zie je dat er een wisselwerking plaats heeft tussen fysieke en psychische aspecten van jezelf. In de eerste en derde fase ben je gefocust op het ervaren van je lichaam, in de tweede en vierde fase speelt vooral je psyché een rol.

  1. Wanneer schiet je adem tekort? Teveel afleidingen na elkaar of tegelijkertijd doet een mens de adem inhouden. Dit leidt tot onregelmatig ademen, gespannen spieren in het ademsysteem; met spanning ook in middenrif en buik.
  2. Wanneer je bewust werkt – volgens welke methode dan ook – aan een regelmatige, ontspannen ademhaling, kalmeert je geest, word je minder gehinderd door ‘mind-chat’ en hebben afleidingen minder vat op je.
  3. Dit heeft effect op je hele lichaam, dat in zijn geheel zal reageren op de oefeningen. Een deel van het zenuwstelsel neemt het over en zal de effecten nog versterken: een niet vermoede weldadigheid kan je overspoelen.
  4. Op zulke momenten kun je beter voelen en ervaren wie jij in wezen echt bent. Je komt uit bij datgene in jou dat blijvend is, je essentie. Deze ervaring moedigt je aan door te gaan met de oefeningen, om je essentie weerkerend te kunnen ervaren.

Over de adem valt nog veel meer te vertellen. Dat bewaar ik voor een volgende keer.
Nu alvast wil ik je wijzen op een recent (2020) uitgekomen boek met de titel ‘Het nieuwe ademen’, door James Nestor. Het is spannend geschreven, gaat uitputtend in op talloze aspecten van de ademhaling en geeft een hele serie ademoefeningen als bijlage.

Een sterfdag herdenken (19)

Op 29 maart 2018 heb ik een kalender gekocht – geen verjaardagskalender, maar een sterfdagkalender. De eerste naam en datum die ik daarop schreef zijn van de overbuurman. Hij is overleden op 14 maart. Daarna noteer ik uiteraard ook de sterfdagen van mijn ouders, mijn onlangs overleden zusje en anderen.

Nu ik driekwart eeuw geleefd heb, krijg ik steeds meer voeling met de impact van de zogenoemde ´derde fase´. De periode waarin je het werkende leven achter je hebt gelaten en zoekt naar nieuwe invullingen. `Ga vooral genieten, zolang het nog kan!´ is een uitspraak die leeftijdgenoten bekend zal voorkomen. ´Want straks kan het niet meer, oh … het leven is maar zo kort …`. Triestheid dus maar onderdrukken … ?

Of ruimte geven aan wat daaronder stroomt … het leven, levensenergie? De energie waarmee elk mens begiftigd is. Levensenergie, die vooral tot uiting zal komen naarmate een mens meer vertrouwd raakt met zijn derde fase. Eerder kan natuurlijk ook. Die fase gaat voor de meesten in nadat ze de 65 zijn gepasseerd, maar ook jongeren met een ziekte kunnen er vroegtijdig in terecht komen.

De buurman was 72 toen hij overleed aan de gevolgen van COPD (Chronic Obstructive Pulmonary Disease). Dat betekende o.m. dat hij meer dan 10 jaar met extra zuurstof heeft moeten leven. De blijmoedigheid waarmee hij dat aanvaardde was heel bijzonder, en bemoedigend voor zijn omgeving. De derde fase heeft hij ten volle geleefd.

Waarom nu die sterfdagkalender? Dan kan ik volgende jaren op 14 maart bewust stilstaan bij zijn heengaan dit jaar: hem nog eens in gedachten nemen. En dat gaat ook gelden voor de andere overledenen die een plaats krijgen op mijn kalender: de datum dat ze zijn gestorven, met tussen haakjes hun geboortedatum.

IMG_2333 (2)
Beeld Wim Ridder

Naar mijn overtuiging wordt iemand die door de poort van de dood is gegaan – zoals antroposofen zo mooi zeggen – herboren in het hiernamaals, dan wel het ‘hiervoormaals’. Een nieuwe ‘fase van zijn’ breekt aan, in de opeenvolging van levens van de ziel. Deze bevindt zich dan in de geestelijke wereld, waar van ruimte en tijd geen sprake meer is en waar zich processen afspelen die het begrip van ons als aardebewoners te boven gaan. Liefde, wijsheid en vrede omstralen degenen die ontwaken in die nieuwe zijnstoestand …

Mijn streven is om op de sterfdag van geliefde gestorvenen contact met hen te zoeken. Hoe? Waarom? De wijze waarop ik dat wil doen is: in meditatie gaan en mij afstemmen op hem of haar, b.v. met behulp van een foto of een specifieke herinnering. Op het niveau voorbij denken en voelen kun je je bewust worden van de verbinding die er was en in principe nog steeds is … of meer dan dat.

De reden waarom ik hiervoor kies is dat die bewust gezochte verbinding de betrokkene goed zou kunnen doen. Het kan ook dat de geliefde dode mij nog iets wil meedelen of overbrengen, op het subtiele niveau waarover het hier gaat. Dat versterkt de band tussen ons en geeft mij nieuwe kracht en inzichten.

Herdenken van iemands sterfdag kun je ook doen met elkaar. Een vriendin vertelde me hoe zij, op de datum waarop haar man ‘te vroeg’ de aarde verliet, met kinderen en kleinkinderen vorm geeft aan zo’n viering – met een foto, veel bloemen en een bezoek aan het graf. De kleinkinderen ‘praten met’ hem en bouwen zo een band op met de opa die ze nooit hebben gekend …

Het idee van de sterfdagkalender kwam ik tegen in het boek van Renée Zeylmans, ‘Stervensbegeleiding : Een wederzijds proces’ (2015).
Tevens verwijs ik graag naar twee boeken van Hans Stolp: ‘Stervensbegeleiding in een nieuwe tijd” (2012) en ‘Omgaan met gestorvenen : Leven voorbij de dood’ (samen met Margarete van den Brink, 2000).