Bewustwording van (on)eindigheid (21)

De afgelopen maanden ben ik mij er steeds meer van bewust geworden dat langzamerhand voor mij de zesde fase van het leven’ is begonnen: je voorbereiden op de eigen sterfelijkheid (waarover meer in een volgend blog).
Concrete gebeurtenissen hebben dat proces versterkt. Manlief (bijna 80) kreeg begin juni een zware longontsteking, die hij inmiddels volledig te boven is. Een jaar geleden, 17 oktober 2017, overleed mijn jongste zusje. Mijn andere zusje is al geruime tijd fysiek gehandicapt en verhuisde onlangs naar een verpleeghuis.

Bezig zijn met het einde blijkt een enorme gelaagdheid te hebben: van fysiek en materieel, via mentaal en emotioneel, tot aan het spirituele hoogtepunt van ‘de aarde verlaten’. Er zitten ook praktische kanten aan en intuïtieve componenten.

Sterven is veel meer dan de laatste adem uitblazen. Wat betekent het voor jezelf en je naasten? Hoe vergaat het anderen? Terwijl ik met tal van vragen bezig ben (en natuurlijk ook veel andere dingen aan mijn hoofd heb), blijkt dat er juist deze maand, oktober 2018, een speciaal blad is uitgegeven over dit thema, getiteld DREMPEL : over leven met sterven. Mooie dubbele bodem in die ondertitel …

Het is geen gids à la de Consumentenbond, die al decennia lang de praktische kwesties rond een overlijden in kaart brengt. DREMPEL richt zich juist op al die andere ervaringslagen die bij het sterven horen, met als motto “van angst naar vertrouwen”. Het magazine biedt een schat aan ervaringen, inzichten en vermoedens rondom het fenomeen ‘dood’. Het is prachtig vormgegeven, met een variëteit aan aansprekende foto’s, en zal hopelijk velen inspireren.

DREMPEL
De ontwerper en samensteller van DREMPEL is het Landelijk Expertisecentrum Sterven: een ideële stichting, die in de samenleving meer bewustzijn wil creëren over sterven. Schrijfster Ineke Koedam nam een jaar of wat geleden, samen met drie andere vrouwen, het initiatief tot oprichting van deze stichting. Nu is zij de hoofdredacteur van het ‘bewaarmagazine’.

DREMPEL is een blad om geboeid in te bladeren en te lezen: 100 pagina’s tekst en foto’s, lange en korte bijdragen, interviews en columns, en diverse artikelen van Ineke Koedam zelf. Zij is de  auteur van ‘In het licht van sterven : ervaringen op de grens van leven en dood’. Dit boek verscheen in 2013 en is al twee keer herdrukt.

In DREMPEL vind je een artikel van Ineke Koedam dat teruggrijpt op haar boek. Zij onderscheidt ´transpersoonlijke levenseinde-ervaringen’ en ‘betekenisvolle levenseinde-ervaringen’. Het eerste type ervaringen verwijst naar al die momenten waarop een sterfproces lijkt uit te stijgen boven het alledaagse en als inspirerend wordt ervaren. Het tweede type ervaringen wijst op momenten waar een stervende in het reine komt met zijn/haar geleefde leven en bewust werkt aan een afronding.

Veel indruk maakt in het blad het interview met Johannes Witteveen (97 jaar, oud-minister van financiën), die zijn zoon Willem verloor bij vlucht MH17. Verder is het interview met Astrid Joosten over het overlijdensproces van haar man heel boeiend. Voor al die mensen die een bijdrage leverden heb ik groot respect …

Een absolute aanrader dus, dit DREMPEL magazine. Echter, niet te koop in de boekhandel, maar alleen te bestellen via www.drempelmagazine.nl, voor nog geen 9 euro.

Het Landelijk Expertisecentrum Sterven (www.landelijkexpertisecentrumsterven.nl) wordt ondersteund door een Comité van Aanbeveling, met een 15-tal leden, onder wie Casper van Eijck, Pim van Lommel, Huub Oosterhuis, Annemiek Schrijver, Hans Stolp, Rudi Westendorp en Johannes Witteveen.

Tevens wijs ik op het onlangs uitgekomen boek ‘Aan het sterfbed’, door Korine van Veldhuijsen, waarin ‘naasten vertellen over een overlijden dat hen diep heeft geraakt’. Het voorwoord is van … Ineke Koedam.

Meer over de bijna-dood-ervaring (11)

Door de grenzen van de wetenschap te verkennen zoekt cardioloog Pim van Lommel in zijn boek ‘Eindeloos bewustzijn’ naar verklaringen voor de bijna-dood-ervaring (zie ook het voorlaatste blog). Immers, de reguliere opvattingen van de wetenschap op dit gebied ontkennen dat een bijna-dood-ervaring (BDE) überhaupt mogelijk is. De gangbare wetenschap aanvaardt alleen die deelaspecten van een BDE, die mogelijk op te wekken zijn op specifieke plekken in de hersenen.

Nu wil ik de discussie over een andere boeg gooien en uitgaan van de vóóronderstelling dat een BDE wél mogelijk is. Daarvoor veronderstel ik dat er een universum bestaat dat vol is van bewustzijn, van eindeloos, liefdevol bewustzijn. Pas als absoluut aantoonbaar is dat zo’n universum niet kán bestaan, dán kan een BDE ook niet mogelijk zijn.

IMG_3615 (1280x937)
Via de kwantumtheorie, komt Van Lommel uit bij de zogenoemde ‘non-lokale ruimte’, de ruimte waar alles energie is, vibreert, via ontelbaar vele frequenties. Het ervaren of waarnemen van die frequenties is een vorm van bewustzijn in zijn puurste vorm.

Wanneer je een bijna-dood-ervaring hebt, maar ook wanneer je echt sterft, ga je over van een waakbewustzijn dat hoort bij jouw persoon op aarde, naar een hoger bewustzijn. Daar ervaar je jouw essentie weer en blijk je je thuis te voelen in dat grootse universum, door Van Lommel non-lokale ruimte genoemd: een ruimte, niet bepaald door plaats (of tijd).

Hoe zit het intussen met de werkzaamheid van de hersenen? Bekend is dat je waakbewustzijn mede dankzij je hersenen functioneert. Voor het ervaren van het hogere bewustzijn blijken hersenen niet nodig te zijn. Dat laat immers de bijna-dood-ervaring zien die kan optreden, ook wanneer de hersenen zijn uitgeschakeld – door een hartstilstand of tijdens volledige narcose.

Het lijkt bij een BDE alsof je een sprong maakt van ‘zijn op aarde’ (waakbewustzijn) naar ‘niet-zijn op aarde’ (hoger bewustzijn). Overkomt je die overgang of ben je er zelf bij betrokken? Naar mijn inzicht is de overgang minder passief dan het lijkt.
Een bepaald begrip kom je namelijk bij Van Lommel niet tegen: het hogere zelf (het ‘ik’ bij de antroposofen). Het hogere zelf is voor mij dé verbinding, de intermediair, tussen die twee soorten van bewust-zijn: het waakbewustzijn en het hogere bewustzijn.

Overigens: het proces van bewustwording van je hogere zelf beïnvloedt de kwaliteit van je hersenen. Daarover een volgende keer.

Je kunt ernaar streven vanuit je hogere zelf naar je persoonlijkheid te kijken en je te wijden aan je aardse taken. Tegelijkertijd zoek je vanuit je hogere zelf bewust naar de verbinding met jouw essentie – de kern van wie jij bent als een levend wezen dat altijd blijft bestaan – je ziel, zo je wilt.

Die essentie beleef je bij het ervaren van een bijna-dood-ervaring. Opeens staat jouw essentie je nader dan je persoonlijkheid op aarde. Je blijkt nog een heel andere inhoud te hebben die je als werkelijk ondergaat – als onderdeel van een geestelijke wereld die je alleen maar kon bevroeden.

De bijna-dood-ervaring (9)

Als er in mijn kindertijd sprake was van een sterfgeval was iedereen treurig en in tranen. Maar ik was niet in staat te jammeren. Ik weet niet waarom. Die emotie diende zich eenvoudigweg niet aan. En eigenlijk is dat nog steeds zo.

Toen in 2003 mijn moeder was overleden, heb ik me naast haar doodsbed bijna geforceerd om te kunnen huilen. Toen het verdriet me overviel, was het wel echt. En wat gebeurde er? In een flits voelde ik mij aangeraakt door haar onzichtbare aanwezigheid en ik wist dat ik op dat moment echt contact met haar had; zij was mij komen troosten en op die manier liet zij mij weten dat zij oké was.
Waar was zij, in welke vorm? Zou ze al een ervaring hebben gehad zoals mensen beschrijven die terugkomen van een  ‘bijna-dood-ervaring’ (BDE)? Zou ze mijn vader al hebben ontmoet, die vier maanden eerder was gestorven?

2016-10-23-5-kopie
Collage en foto Wim

Sommige mensen die klinisch dood zijn geweest blijken ervaringen te hebben gehad, die een diepe indruk bij hen achterlieten – zoals het omgeven worden door een groot licht en het ervaren van onvoorwaardelijke liefde, van eenheid en diepe verbondenheid met anderen. Dat geeft mij troost.
Het fenomeen BDE omschrijft de cardioloog Pim van Lommel aldus:

“Een bijna-dood-ervaring is een geestelijke ervaring die kan optreden tijdens een periode van klinische dood, maar ook tijdens een stervensproces of soms zonder duidelijke aanleiding. De bijna-dood-ervaring is een universele ervaring die over de hele wereld en door alle tijden heen wordt vermeld, die onafhankelijk is van leeftijd, intellect of godsdienst.”
(Deze definitie vond ik op de website www.bijnadoodervaring.nl.)

Een ervaring die ‘over de hele wereld en door alle tijden heen wordt vermeld’. En waarom is er dan toch zo weinig over bekend? Door die onbekendheid zijn mensen die een BDE hebben gehad dikwijls een groot deel van hun leven bezig die ervaring zelf te verwerken. Hun omgeving wenst er niet voor open te staan. Artsen, noch familie, noch vrienden tonen zich bereid een oor te lenen aan de BDE’er, die zo bijzonder graag over zijn of haar diepgaande ervaring zou willen vertellen.

Vele mensen komt het fenomeen BDE zó ongeloofwaardig voor dat zij zich afsluiten voor de verhalen erover, verhalen die uit een andere wereld lijken te komen en die zich niet laten rijmen met gangbare opvattingen en overtuigingen. Zeker in de wetenschappelijke wereld is er weinig belangstelling voor: ‘zaken die fysiek niet aantoonbaar zijn kúnnen toch niet bestaan, kúnnen toch niet waar zijn … ?’
Het verschijnsel bijna-dood-ervaring is bij uitstek een gebied waar wetenschapskennis – gericht op het materiële – in botsing komt met spirituele inzichten – die gericht zijn op het immateriële. Wetenschap lijkt onverenigbaar met spiritualiteit.

Wanneer door een hartstilstand of ziekte of ongeluk de hersenen van een mens niet meer functioneren, wordt aangenomen dat die mens ‘buiten bewustzijn’ is. Maar als die persoon weer bijkomt, blijkt hij of zij helder bewuste ervaringen te hebben gehad en zelfs nauwkeurig te kunnen vertellen, b.v.  over de operatiekamer en de operatie die hij/zij heeft ondergaan. Hoe kan zoiets?
Op deze prangende vraag heeft Pim van Lommel een antwoord gezocht dat recht doet aan het wetenschappelijke denken. Een volgende keer probeer ik deze materie verder in kaart te brengen.

Voel je vrij hieronder te reageren. Zo’n reactie wordt niet direct gepubliceerd; ik krijg daarvan eerst een email en kan beslissen of ik de reactie wel of niet aan het blog wil toevoegen. Als je dat liever niet hebt, dan gebeurt het niet. Als je een opmerking maakt of een vraag stelt aan mij persoonlijk, antwoord ik jou ook persoonlijk. Laat het gewoon even weten in je bericht!