Invloed op je ‘onbewuste zijn’ (14)

Je gewone, dagelijkse bewustzijn staat voortdurend in verbinding met je onbewuste. Echter, dat merk je niet, want het is een onbewust proces. Toch heeft je onbewuste een enorme impact op jouw welbevinden. In mijn optiek, kun je je onbewuste beschouwen als deels onderbewust en deels bovenbewust.

Ik kwam op deze gedachte toen ik ontdekte dat je de MIR-zinnetjes (zie de twee vorige blogs) eigenlijk niet op één lijn kunt stellen met affirmaties (= bekrachtigende uitspraken; slot laatste blog). Waarom niet?

Laten we zeggen: je dagelijkse bewustzijn – je huis-, tuin- en keukenbewustzijn – bevindt zich te midden van jouw veel grotere ONbewuste. Als je kijkt naar je lichaam en je onderzoekt waaróm het lichaam doet wát het doet, graaf je in je ONDERbewuste zijn. Als je daarentegen vooruit kijkt en onderzoekt wat de potenties zijn van jou als persoon, zoek je contact met je BOVENbewuste zijn.

Er zijn heel wat momenten dat je contact zou willen hebben met het ene (je onderbewuste), dan wel met het andere (je bovenbewuste), en (een van) beide zou willen beïnvloeden.
Op het ene moment wil je heel graag méér op je lichaam kunnen vertrouwen, op het andere moment wil je o zo graag weten wat de toekomst voor jou in petto heeft en hoe jij je potenties waar kunt maken.
Om kort te gaan: het één kun je m.i. bewerkstelligen met de MIR-zinnetjes, het andere met affirmaties … Natuurlijk is er een overgangsgebied, maar voor de overzichtelijkheid laten we dat nu buiten beschouwing.

170308 - kopie
Foto Wim

Doe even je ogen dicht en besef dat jij als menselijk wezen een veel grotere ruimte inneemt dan je fysieke lichaam: dat je uit energieën bestaat die van diverse aard zijn. Als oefening, kun je je vereenzelvigen met de energieën van je onderbewuste of van je bovenbewuste zijn. Misschien voel je een verschil tussen beide?

Je onderbewuste zijn

is de ‘opslag’ van ervaringen in dít leven: alles wat onderdeel van jouw levensbagage is geworden, door hoe je van kinds af hebt geleefd en hoe je de reacties van je omgeving daarop hebt ondergaan.

Die opslag van ervaringen, die voortvloeit uit alles wat je ooit gedacht, gevoeld of gedaan hebt, kun je zien als een verzameling (onbewuste) overtuigingen. Deze overtuigingen beïnvloeden het functioneren van ons hele lichaam, via de hersenen, het zenuwstelsel en de zenuwcellen, tot op celniveau.

Hoe dit gebeurt beschrijft de Amerikaanse bioloog Bruce Lipton in zijn boek ‘De biologie van de overtuiging’ (‘Biology and Belief’). Hij laat zien (p. 138) hoe enorm de impact is van “de onderbewuste geest, een verzamelplaats van stimulus-respons-bandopnamen, die voortkomen uit instincten en aangeleerde ervaringen. De onderbewuste geest is een gewoontedier; hij zal – tot ons verdriet – als antwoord op de signalen van het leven keer op keer dezelfde gedragsmatige reacties vertonen.”

Nu kom ik terug op de MIR-zinnetjes. Die spreek je uit terwijl je (door je huid te strelen) je onderbewuste gerust stelt  en het verzekert dat het met nieuwe opdrachten aan de gang mag gaan. Zo kunnen, via je hersenen, de gewoonte-boodschappen, die het gedrag van je cellen aansturen, zich wijzigen. Je lichaam gaat beter functioneren, wat de bedoeling is van de MIR-praktijk.

Je bovenbewuste zijn

is de energie die je in potentie al bij je droeg toen je werd geboren en die bij je blijft wanneer je dit fysieke leven verlaat. Doel in het leven is (steeds meer) contact te krijgen met je bovenbewuste, je ‘hoger zelf’.

Aan dat hoger zelf valt een heel gebied van overwegingen, belevingen en begrippen te koppelen die uitstijgen boven je persoonlijkheid van alledag. Hoe meer je leeft vanuit je hoger zelf, hoe meer meesterschap je verwerft over je dagelijks leven.

Een van de gereedschappen daarbij is het werken met affirmaties. ‘Affirmatie’ betekent bevestiging, bekrachtiging, en verwoordt een positieve eigenschap of wenselijke situatie. Je spreekt een affirmatie uit in de tegenwoordige tijd, b.v. ‘ik ben een unieke en waardevolle persoon’. Dit wordt dan – als je dit vaak doet en het voor jou een waarheid is – door je persoonlijkheid als nieuwe werkelijkheid ervaren. Door de kracht van die affirmatie kun je b.v. een onterecht minderwaardigheidsgevoel achter je laten.

Affirmeren en de MIR-Methode (13)

Kijk nog even terug en lees mijn zomerbrief van de vorige keer. Ik schreef over de MIR-methode, een methode die de potentie heeft iemand op een natuurlijke manier van zijn/haar ongemakken en misschien zelfs van echte fysieke problemen af te helpen. Je heelt jezelf, door 9 korte zinnetjes achter elkaar op te zeggen, elk driemaal, terwijl je daarbij je hand streelt. Die zinnetjes zijn:

  1. Zuurgraad optimaliseren
  2. Detox alle toxische belasting
  3. Vader loskoppelen; moeder loskoppelen
  4. Meridianen zuiveren
  5. Alle tekorten aanvullen
  6. Hormoonstelsel in evenwicht brengen
  7. Basisbehoeften aanvullen
  8. Chakra’s en aura optimaliseren.
  9. Missie verduidelijken

De naam MIR staat voor Mentale en Intuïtieve Reset. Mireille Mettes die deze methode ontwikkelde in 2009, zegt dat, door het uitspreken van deze zinnetjes en het strelen van je huid, je onderbewuste aan het werk gaat. Het activeert met die opdrachten de zelf-helende kracht van je lichaam. ‘Omdat je jezelf streelt, weet je onderbewuste dat alles oké is. Het kan vervolgens blokkades negeren en oplossen, en het natuurlijke herstelvermogen van het lichaam stimuleren.’

Mettes benadrukt dat het déze zinnetjes moeten zijn, in déze volgorde. Met behulp van kinesiologie heeft ze dit schema ontworpen. Zij steunde daarbij op kennis van een groot aantal complementaire geneeswijzen, waarin ze zich óf had geschoold óf zich grondig had verdiept. Middels de MIR-Methode wordt in principe het hele lichaam aangepakt, op alle niveaus.
Je begint het ritueel tweemaal per dag uit te voeren, gedurende vier tot zes weken. In veel gevallen gaan mensen een effect bemerken, soms aan het verminderen of verdwijnen van klachten of ongemakken waaraan ze al lang gewend waren geraakt (denk aan: slaapkwaliteit, migraine, kalknagels, brok in de keel, darmklachten). Ook bij mij is dat het geval. *

Logo MIR-Methode

Als je overweegt met deze methode in zee te gaan, bezoek dan haar website. Daar wordt je de nodige hulp geboden, o.a. in de vorm van dagelijkse begeleidingsmailtjes, zes weken lang. Het doel van Mireille Mettes is de methode onder zoveel mogelijk mensen te verspreiden, in Nederland én in het buitenland: www.mirmehode.nl, www.mirmethod.com, www.mirmethode.de en www.methodemir.fr.
Zij is vooral sterk in het doorgeven van informatie met behulp van video’s (in meerdere talen) en webinars; haar bevlogenheid en enthousiasme spatten er vanaf! Twee boeken schreef zij ook. Ik raad het echt aan je in haar aanpak te verdiepen.

Waarom werkt deze methode of zou zij kunnen werken? De korte zinnen zijn als het ware affirmaties. Affirmatie betekent: bevestiging, bekrachtiging. Affirmaties zijn een krachtig hulpmiddel om jezelf te (her)programmeren in de positieve richting die je wilt inslaan, om te worden wij jij eigenlijk bent.
Je zou kunnen zeggen dat de MIR-Methode een energetische heling-methode is. Omdat je de energie van intentie loslaat op … ja, op wát eigenlijk en waaróm werkt het dan? Die vraag komt een volgende keer aan de orde.

Disclaimer: als je echte gezondheidsproblemen hebt, aarzel dan niet en bezoek gewoon een arts of therapeut

* Wat ik heel bijzonder vond te lezen op haar website – waar je veel reacties van ‘mirrende’ mensen vindt m.b.t. tal van klachten – dat ook hardnekkige schildklierproblemen blijken te verbeteren, iets wat mij persoonlijk zeer aanspreekt …

Zomerbrief 2017 (12)

Beste mensen,

Het is er bijna twee maanden niet van gekomen, een blog te schrijven. Nu gaan we op vakantie en post ik slechts deze korte bijdrage.

De maand mei stond in het teken van mijn 75ste verjaardag en onze 50ste trouwdag. In dat kader organiseerden we diverse feestelijke bijeenkomsten; kinderen kwamen logeren; en de feestvreugde is nog steeds niet voorbij.

Als je vraagt: hoe hield je dit allemaal vol – al die bijzondere hoogtepunten, maar ook wel enige hectiek – dan kan ik je het volgende antwoorden. Drie weken geleden begon ik de MIR-methode toe te passen. Ik verbeeld me dat ik daardoor dieper slaap, meer energie heb en me minder bezorgd voel dan anders het geval zou zijn geweest.

Hier alvast de hoofdzaak van de methode; een volgende keer meer erover. ’s Ochtends en ’s avonds geef je in korte zinnen, die je driemaal uitspreekt, negen boodschappen aan je onbewuste. Die negen opdrachten aan je systeem stimuleren het zelfgenezend vermogen van je lichaam, op negen verschillende niveaus: van puur fysiek, via psychisch, naar spiritueel. Men begint met dit minstens vier weken vol te houden.

De methode is in 2009 ontworpen door Mireille Mettes, een veelzijdig alternatief en complementair genezer. Kijk op haar website (www.mirmethode.nl) om er meer over te lezen en een demonstratie-video te bekijken. Gezien de reacties hebben veel mensen er baat bij. Niet ter vervanging van een arts of therapeut, maar wel om de kleine en grotere ongemakken aan te pakken die echte gezondheid in de weg staan.

Ik juich het toe dat het nu eens een Nederlandse vrouw is, die haar inzichten op een leuke, verantwoorde en inspirerende manier naar buiten brengt. Daarbij creëert zij een enorme spin-off, o.a. door haar methode tevens beschikbaar te stellen in het Duits, Engels, Frans en Spaans.

Als deze brief je stimuleert om aan de slag te gaan met de MIR-methode, laat het – eventueel – weten. Dat kan anderen weer inspireren!

Rest mij om jullie allen een fijne zomer en een goede vakantie toe te wensen. In juli ben ik van plan mijn volgende inhoudelijke blog te schrijven.

Lichtgroeten, Maj

De bijna-dood-ervaring (9)

Als er in mijn kindertijd sprake was van een sterfgeval was iedereen treurig en in tranen. Maar ik was niet in staat te jammeren. Ik weet niet waarom. Die emotie diende zich eenvoudigweg niet aan. En eigenlijk is dat nog steeds zo.

Toen in 2003 mijn moeder was overleden, heb ik me naast haar doodsbed bijna geforceerd om te kunnen huilen. Toen het verdriet me overviel, was het wel echt. En wat gebeurde er? In een flits voelde ik mij aangeraakt door haar onzichtbare aanwezigheid en ik wist dat ik op dat moment echt contact met haar had; zij was mij komen troosten en op die manier liet zij mij weten dat zij oké was.
Waar was zij, in welke vorm? Zou ze al een ervaring hebben gehad zoals mensen beschrijven die terugkomen van een  ‘bijna-dood-ervaring’ (BDE)? Zou ze mijn vader al hebben ontmoet, die vier maanden eerder was gestorven?

2016-10-23-5-kopie
Collage en foto Wim

Sommige mensen die klinisch dood zijn geweest blijken ervaringen te hebben gehad, die een diepe indruk bij hen achterlieten – zoals het omgeven worden door een groot licht en het ervaren van onvoorwaardelijke liefde, van eenheid en diepe verbondenheid met anderen. Dat geeft mij troost.
Het fenomeen BDE omschrijft de cardioloog Pim van Lommel aldus:

“Een bijna-dood-ervaring is een geestelijke ervaring die kan optreden tijdens een periode van klinische dood, maar ook tijdens een stervensproces of soms zonder duidelijke aanleiding. De bijna-dood-ervaring is een universele ervaring die over de hele wereld en door alle tijden heen wordt vermeld, die onafhankelijk is van leeftijd, intellect of godsdienst.”
(Deze definitie vond ik op de website www.bijnadoodervaring.nl.)

Een ervaring die ‘over de hele wereld en door alle tijden heen wordt vermeld’. En waarom is er dan toch zo weinig over bekend? Door die onbekendheid zijn mensen die een BDE hebben gehad dikwijls een groot deel van hun leven bezig die ervaring zelf te verwerken. Hun omgeving wenst er niet voor open te staan. Artsen, noch familie, noch vrienden tonen zich bereid een oor te lenen aan de BDE’er, die zo bijzonder graag over zijn of haar diepgaande ervaring zou willen vertellen.

Vele mensen komt het fenomeen BDE zó ongeloofwaardig voor dat zij zich afsluiten voor de verhalen erover, verhalen die uit een andere wereld lijken te komen en die zich niet laten rijmen met gangbare opvattingen en overtuigingen. Zeker in de wetenschappelijke wereld is er weinig belangstelling voor: ‘zaken die fysiek niet aantoonbaar zijn kúnnen toch niet bestaan, kúnnen toch niet waar zijn … ?’
Het verschijnsel bijna-dood-ervaring is bij uitstek een gebied waar wetenschapskennis – gericht op het materiële – in botsing komt met spirituele inzichten – die gericht zijn op het immateriële. Wetenschap lijkt onverenigbaar met spiritualiteit.

Wanneer door een hartstilstand of ziekte of ongeluk de hersenen van een mens niet meer functioneren, wordt aangenomen dat die mens ‘buiten bewustzijn’ is. Maar als die persoon weer bijkomt, blijkt hij of zij helder bewuste ervaringen te hebben gehad en zelfs nauwkeurig te kunnen vertellen, b.v.  over de operatiekamer en de operatie die hij/zij heeft ondergaan. Hoe kan zoiets?
Op deze prangende vraag heeft Pim van Lommel een antwoord gezocht dat recht doet aan het wetenschappelijke denken. Een volgende keer probeer ik deze materie verder in kaart te brengen.

Voel je vrij hieronder te reageren. Zo’n reactie wordt niet direct gepubliceerd; ik krijg daarvan eerst een email en kan beslissen of ik de reactie wel of niet aan het blog wil toevoegen. Als je dat liever niet hebt, dan gebeurt het niet. Als je een opmerking maakt of een vraag stelt aan mij persoonlijk, antwoord ik jou ook persoonlijk. Laat het gewoon even weten in je bericht!

De innerlijke betekenis van dementie (5)

Als je nadenkt en schrijft over de mogelijk innerlijke betekenissen van een dementieproces, heeft dat direct te maken met je visie op de dood. Houdt het leven van een mens volledig op na de dood van zijn fysieke lichaam? Of is er toch meer aan de hand? Dat laatste is voor sommigen ondenkbaar, voor anderen een vermoeden en voor enkelen een zekerheid. Voor mij is het dat laatste.
Volgens mij zijn wij meer dan ons fysieke lichaam. We hebben een geestelijke kern die ‘gezien wordt’ door de geestelijke wereld, ook al merk je dat niet. De laatste fase van fysieke achteruitgang hoeft daarom niet zinloos te zijn. Want met die fase begint het proces van je losmaken van je lichaam en toegroeien naar de geestelijke wereld. Ook bij mensen met de ziekte van Alzheimer kan dat het geval zijn.

Pastor Hans Stolp schreef het boekje ‘De verborgen zin van dementie’ (2015). In zijn lezing in Amersfoort besprak hij enkele hoofdpunten.

Volgens de inzichten van Stolp kan een mens in de laatste fase van zijn leven – als het al niet eerder gebeurde – terugkeren tot de essentie van waar het in het leven eígenlijk om gaat: het weer herkennen en beleven van de eigen pure kern.
Dat geldt ook voor patiënten met dementie. In dat ‘proces terug’ kan de zieke de dingen die ‘niet belast’ zijn rustig vergeten. Waar deze patiënten wél vaak mee te maken krijgen zijn negatieve emoties: verdriet, boosheid of angst. Emoties die het gevolg zijn van traumatische ervaringen in het verleden, die zij niet hebben kunnen verwerken en – onbewust – hebben ‘weggestopt’.
Er komt ruimte om die ballast van onverwerkte emoties opnieuw te doorleven en vervolgens achter zich te laten. ‘De ziel ruimt op’ en kan zo in een heldere, lichtere staat overgaan naar die volgende fase van bestaan, ‘het leven na de dood’.

Wanneer een Alzheimer patiënt agressief is of depressief lijkt te zijn, is het raadzaam zo’n toestand in verband te brengen met mogelijk ‘oud zeer’. Het is lang niet altijd een reactie op situaties in het heden. Het geven van medicatie is dan ook geen oplossing. ‘Houd rekening met de mogelijkheid van dat diepe innerlijke proces!’
Stolp pleit voor zoveel mogelijk empathie met en respect voor mensen met dementie. Hij merkt op dat verzorgenden dat al heel vaak opbrengen. Met engelengeduld omgeven zij deze mensen, met gevoel voor wie de dementerenden ooit waren en nog steeds zijn.

Hij besprak ook het beroemde ‘nonnenonderzoek’, dat de medische wereld inzake dementie op zijn kop heeft gezet. In 1987 startte David Snowdon in de VS een onderzoek onder 678 nonnen tussen de 75 en 100 jaar, die bereid waren na hun overlijden hun hersenen voor onderzoek af te staan.
Bij het latere onderzoek werd de mate van hersendegeneratie onderscheiden naar vier stadia. En wat bleek: de vrouwen bij wie de hersenen het ergst waren aangetast (4de stadium) bleken lang niet allemaal dement te zijn geweest: 70% was dat wel, maar 30% was dat niet! Hoe kan dat? De conclusie kon niet anders zijn dan dat een mens, ook wanneer zijn/haar hersenen achteruitgaan, geen symptomen van mentale achteruitgang hoeft te vertonen!
Het bleek dat de niet-demente groep in de testen een creatief en beweeglijk denken had laten zien. Overigens betekent een beweeglijke geest niet altijd dat dementie je bespaard blijft.

Als laatste besprak Stolp ‘het wonder van de terminale helderheid’. Soms kunnen mensen in een vergevorderd stadium van dementie – relatief kort voor hun dood – plotseling troostrijke afscheidswoorden spreken tot hun naasten. Heelheid van geest, dat is wat zij dan laten zien …